Ik heb hem eindelijk gevonden !!! De heilige Graal !!! Hét patroon van dé jurk waar ik al jaren naar op zoek ben : een doodgewone tricot jurk die je simpelweg over je hoofd trekt en die als gegoten om je lijf zit. En dat patroon heeft ook z’n eigen naam : het is de McCall’s 7531.

Het is het eerste “losse” patroon dat ik mij aanschaf en het zal zeker niet het laatste zijn, want de McCall’s 7531 is mij prima bevallen.

McCall’s is een merk van commerciële kledingpatronen voor vrouwen, mannen en kinderen van The McCall Pattern Company, Inc., die ook onder de merknamen “Kwik Sew”, “Butterick” en “Vogue Patterns” kledingpatronen ontwikkelen en verspreiden.

 

Kennismaking met Amerikaanse naaipatronen.

The McCall Pattern Company, Inc is een Amerikaans bedrijf met hoofdkwartier in New York, dus de werkbeschrijving bij de patronen is standaard in het Engels. Op de buitenkant van de enveloppe waar het patroon met werkbeschrijving inzit, kan ik aanwijzingen en beschrijvingen in het Engels, Frans en Spaans terugvinden. De werkbeschrijving bij het patroon echter is alleen in het Engels en Spaans opgemaakt. Gelukkig betreft dit een patroon uit de reeks “Learn to sew for fun – Patterns designed for the beginner”, zodat de constructie van de jurk geen ingewikkelde naaitechnieken vereist. Bovendien bevat de werkbeschrijving duidelijke prentjes van de opeenvolgende stappen. Je hoeft dus geen professor Engelse literatuur te zijn om deze jurk te kunnen naaien … .

 

 

In de enveloppe zitten twee opgevouwen bladen, die samen de hele werkbeschrijving (in het Engels en het Spaans) uitmaken én twee flinterdunne patroonbladen. Op het ene patroonblad is de mouw van de jurk terug te vinden; op het andere patroonblad staan twee voorpanden – één met boothals en één met ronde hals – én een achterpand. Op het patroondeel van de mouw zijn de lengtes van een korte mouw, een driekwart mouw en een lange mouw gemarkeerd; ook op de panden van de jurk werden twee lengtes gemarkeerd. Met deze mogelijkheden kan je dus een aantal variaties maken.

Op de achterkant van de enveloppe zijn 4 jurken voorgesteld, maar de combinatiemogelijkheden zijn eigenlijk veel uitgebreider : je kan met dit patroon 12 verschillende jurken maken.

 

Op de achterkant van de enveloppe vind je alle info over de maten en de stofbenodigdheden terug.

 

De patroonbladen zijn dus flinterdun en de onderdelen van de jurk zijn er zo op geprint dat het duidelijk is dat je de gewenste stukken uitknipt en de rest van het dunne papier in de vuilbak gooit. Deze werkwijze laat natuurlijk weinig marge voor vergissingen … .

 

De inhoud van de enveloppe : de patroonbladen en de werkbeschrijving

 

Ik vond het praktischer én intelligenter (ik wil dit patroon best wel nog een keertje gebruiken) om de patroononderdelen van de jurk die ik wou samenstellen gewoon over te nemen op patroonpapier en het originele patroon netjes te bewaren voor later gebruik.

Wat ook opvalt aan dit Amerikaanse patroon is dat de verdeling van de maten anders is dan bij de mij meer bekende Europese patronen. Eerst en vooral is het patroon in deze enveloppe slechts voorzien in 3 maten : XS – S – M. De dames die liever een L – XL of XXL willen maken moeten een andere enveloppe aanschaffen waarvan het patroon in die maten is uitgewerkt.

Het is ook altijd verstandig om vooraf je eigen lichaamsmaten te vergelijken met de maten uit de matentabel die op de achterzijde van de enveloppe is opgelijst, want deze standaardmaten wijken duidelijk af van de Europese maten. Doorgaans moet ik mijn omtrekmaten gaan zoeken onder de noemers XS en S, maar bij dit patroon sloten mijn lichaamsmaten beter aan bij de M.

 

De matentabel is vermeld op de achterflap van de enveloppe.

 

Wat bij dit patroon ook anders is dan wat ik van de Europese patronen gewoon ben, is dat er reed 5/8’’ of inch (1,5 cm) naadwaarde is inbegrepen in de patroononderdelen. Enerzijds bespaart dit je wel wat werk – je hoeft zelf geen naadwaarden meer te voorzien – anderzijds moet je er wel opletten dat je effectief op 1,5 cm van de rand je naden stikt. Ik voorzie doorgaans slechts 1 cm naadwaarde, dus aan de naaimachine moest ik er even mijn aandacht bijhouden… .

 

Wat mij ook meteen is opgevallen is dat er – hoewel de jurk moet worden uitgevoerd in een bistretch tricot – een middenachternaad is voorzien in het achterpand. Doorgaans wordt het rugpand van een tricot/jersey jurk op een stofvouw geknipt en wordt er geen naad voorzien.

Het werd mij ook snel duidelijk waarom dit patroon een middenachternaad heeft in het rugpand : de welving van de onderrug is erin uitgewerkt. De middenachternaad van deze jurk is dus niet recht, maar ter hoogte van de onderrug ingenomen.

In de lange versie van de jurk is er ook een loopsplit voorzien (hoewel dat voor een jurk die wordt uitgevoerd in een rekbare tricot niet nodig is), dat gemakkelijk te creëren is via een middenachternaad.

 

Constructie van de jurk.

Ik heb de jurk met boothals in twee variaties gemaakt : een lange zomerse versie met korte mouwen, uitgevoerd in een luchtige viscosetricot én een lange mid-season versie met driekwart mouwen, uitgevoerd in een licht gewatteerde jersey. Beide jurken trek je gewoon over je hoofd – de boothals is breed genoeg – en ze zitten werkelijk als gegoten. Ik sta ervan versteld hoe toegankelijk het patroon is voor verschillende stofkeuzes.

Het patroon is geschikt voor de beginnende naaister, dus met een minimum aan handelingen is deze prachtjurk zo in mekaar gezet.

 

De middenachternaad.

De constructie vangt aan bij het stikken van de middenachternaad en het loopsplit, die ik naar rebelse gewoonte toch weer anders uitgevoerd heb. In de werkbeschrijving wordt gevraagd om de middenachternaad te stikken en om hem daarna samengenomen te overlocken, nadat ter hoogte van het loopsplit een knipje tot tegen het stiksel werd gegeven om de naad daar te openen.

Ik vond een andere werkwijze handiger : nadat ik de zijranden van de middenachternaad heb afgewerkt met een overlocksteek, heb ik deze naad – de naadwaarde van 1,5 cm indachtig – met een stretchsteek dichtgestikt tot aan het markeringsteken van het loopsplit. Daarna heb ik de hele naad met naadwaarde 1,5 cm opengestreken, zodat het split ineens gecreëerd was.

 

 

Het loopsplit.

Om het loopsplit vaste vorm te geven heb ik het eigenlijk gewoon doorgestikt met een rechte steek op net geen 1,5 cm van de middennaad. Hiervoor stik je vanaf de onderrand van één zijde van het split naar boven, tot ongeveer 1,5 cm boven de opening. Je laat de naald in het werk zitten en draait de jurk 90 graden, zodat je nu een stiklijn dwars over de middenachternaad kan geven. Je draait het werkje opnieuw 90 graden en stikt op net geen 1,5 cm van het midden van het split weer met een rechte stiklijn naar beneden.

 

Het loopsplit werd op 1,3 cm rondom doorgestikt met een rechte steek.

 

De schoudernaden en de mouwen.

Eens het achterpand vervolledigd is door de twee helften aan mekaar te stikken, dan kan dit aan het voorpand worden gezet via de schoudernaden. De schoudernaden heb ik met een stretchsteek aan mekaar gezet, de naadtoeslag van 1,5 cm daarna samengenomen overlockt en deze naar achteren gestreken.

In de werkbeschrijving wordt daarna voorzien om de zijnaden van de jurk dicht te stikken en om daarna de mouwen “in te zetten”. Bij een naaiproject in jersey of gelijk welke andere rekbare stof, ga ik liever anders tewerk.

Eerst werk ik de zomen van de mouwen af door ze te overlocken en ze daarna met een zoomwaarde van – in dit geval 1,5 cm – naar binnen om te zomen. Doorstikken doe je best met een stretchsteek want de mouwzomen moeten rekbaar blijven.

Daarna speld ik de mouwen aan de panden, de goede kanten op mekaar en de merktekens die het voor- en achterpand aangeven ook op mekaar. In één vlotte beweging kan de hele mouwkop met een stretchsteek aan de panden worden gezet; afwerken doe je door de naadwaarde samengenomen te overlocken.

Eens de mouwen aan de panden zijn gestikt, is het klein bier om de zijnaden van de jurk en de naad van de mouw in één beweging dicht te stikken.

 

Kantband in de taille.

Voor de lange jurk die ik heb uitgevoerd in een fijne jacquard jersey wou ik het patroon van de stof in de taille breken met een brede strook kant. Deze band wil ik vastzetten door hem mee te stikken in de zijnaden van de jurk. Omdat ik deze strook niet zomaar lukraak in de taille wou naaien heb ik eerst de zijnaden van de jurk met speldjes gesloten om hem te kunnen passen. Zo kon ik preciezer bepalen waar de strook kant moest komen en kon ik een stukje ervan met een aantal speldjes vastpinnen.

Eens op deze manier de positie van de band was bepaald, kon ik vanaf de ongezoomde onderrand van de jurk de hoogte van de band meten en hem zowel op het voorpand als op het achterpand op gelijke hoogte vastspelden. In mijn geval moest de onderrand van de kanten band op 68,3 cm van de ongezoomde onderrand worden vastgezet.

Eens de stroken kant op het voorpand en op het achterpand in de juiste positie waren vastgespeld, heb ik in de zijnaad van deze stroken ook de ronding van de taille uitgeknipt. Om de zijnaden van de jurk, met de kanten stroken er tussenin, te sluiten, let je er wel op dat de stroken kant in de taille naadloos op mekaar aansluiten.

 

 

Je stikt de jurk daarna met een stretchsteek in één beweging dicht, te beginnen aan de onderrand van de zoom tot aan de omgezoomde rand van de mouwen. De zijnaden samengenomen overlocken en naar achteren strijken. Ter hoogte van de mouwzoom zet ik deze overlockte naad met een paar rechte steekjes vast.

 

De zoom van de jurk.

De overlockte zijnaden van de jurk zijn naar achteren gestreken en ik wil ze in deze positie vastzetten bij het overlocken van de onderrand. Ook de naden van het loopsplit worden omgeslagen verwerkt in de locksteken van de onderrand. In het patroon is er al een zoomwaarde van (1,25 inch) ongeveer 3,5 cm voorzien (die je dus zelf niet meer hoeft aan te tekenen), en deze brengt de jurk voor mij op geschikte lengte. De naar binnen omgeslagen zoom van 3,5 cm zet ik eenvoudig weg vast door hem door te stikken op 3,3 cm van de omgestreken onderrand. Omdat er een loopsplit zit in de jurk hoeft de zoom niet rekbaar te zijn; doorstikken met een rechte steek van gemiddelde lengte is hier aangewezen.

 

De zoom van de jurk : 3,5 cm breed.

 

Afwerking van de hals.

Beide jurken heb ik gemaakt in de versie met boothals. In de patroondelen van het voor- en achterpand is er voor de hals een naadwaarde van 1,5 cm voorzien (5/8’’). Deze 1,5 cm naadwaarde moet eerst over de hele omtrek van de hals naar binnen worden gestreken, zodat we een duidelijke vouwlijn hebben. Daarna vraagt de werkbeschrijving om deze vouw opnieuw open te maken en om de naadwaarde nu 0,75 cm naar binnen te plooien, tot precies tegen de vouwlijn. Daarna vouw je deze boord van 0,75 cm voor een tweede keer naar binnen. Je speldt de halsboord daarna rondom rond vast. Omdat de jurk wordt uitgevoerd in een bi-stretch tricot rekt deze dubbel omgeslagen halsboord zeer goed mee.

 

De dubbel omgeslagen halsboord : vooraf rijgen vergemakkelijkt het doorstikken.

 

Omdat ik in het verleden reeds gemerkt heb dat het afwerken onder de naaimachine van fijne boordjes waar nog kopspelden inzitten altijd moeilijkheden geeft (de speldjes zitten in de weg om mooie en fijne rechte lijnen te kunnen stikken) heb ik de omgestreken halsboord eerst helemaal geregen of gedriegd (zoals onze Nederlandse vrienden zeggen). Op deze manier zit de boord helemaal op z’n plaats om hem fijn te kunnen doorstikken door de verschillende stoflagen.

De halsboord heb ik op 0,72 cm doorgestikt – precies naast de rijgsteekjes – met een rechte steek op maximale steeklengte. Een rechte steek geeft hier de mooiste afwerking. Om de steken wat extra souplesse te geven heb ik de spanning van de machine een klein beetje verlaagd. Ik had het nooit verwacht dat de voorgestelde halsafwerking in de werkbeschrijving zou houden, maar het lukte wonderwel perfect ! De boothals is breed genoeg om zonder te rekken je hoofd door te halen, maar de halsboord rekt toch behoorlijk goed mee.

 

Afwerking van de kanten taille.

Omdat ik vrees dat de stiklijnen van stretchsteken (de boord moet kunnen meerekken in de breedte) té zichtbaar zullen zijn, wil ik de kanten stroken op het voor- en achterpand van de jurk liever niet doorstikken om ze op de panden vast te zetten. Daarom heb ik de kanten stroken tegen de bovenrand en de onderrand met een paar losse steekjes met de hand vastgenaaid. Op deze manier blijft de rekbaarheid maximaal en de steekjes zijn niet zichtbaar.

 

Wat een geweldig eenvoudig en veelzijdig patroon is dit ! De constructie van deze jurk is niet alleen geschikt voor beginnende naaisters, maar hij leent zich ook perfect om te worden uitgevoerd in verschillende stofsoorten : viscose tricot, fijne jacquard jersey, katoenjersey, … . De enige vereiste is dat de stof bi-stretch is en voldoende rekbaarheid in de breedte heeft. Door de verschillende versies van de onderdelen (lange mouw, ¾ mouw, korte mouw, boothals, ronde hals, korte jurk, lange jurk) is het ook een patroon waarmee ontelbare variaties kunnen gemaakt worden.

 

 

 

Vind je deze tips handig en interessant ? Laat ons weten wat je ervan vindt door je opmerkingen hieronder te formuleren.

Advertenties