Ik weet niet meer precies hoe de inspiratie tot mij is gekomen, maar ik geloof dat ik het ineens weer zag in een stofje. Ik weet het weer : het is in flitsen gebeurd !

Ik heb hier een prachtig stofje met neplederen sequins liggen waar eigenlijk niemand iets in ziet, behalve ik dan. Ik liep al een hele tijd te denken wat ik ermee eens zou kunnen creëren, totdat ik een restje zwart imitatieleer overhad. Perfect om een brede imitatielederen tailleband uit te halen én te combineren met een stofje waar imitatielederen sequins opzitten. Het concept van mijn eigen cirkelrok met brede tailleband was geboren.

 

De tailleband.

Hoe fijner een rechte tailleband, hoe preciezer hij zich rond het lichaam zal sluiten. Dit werkt perfect voor taillebanden van 2,5 tot 3,5 cm breed. Als je een “rechte” tailleband wil maken die breder is, dan wordt het noodzakelijk om in deze tailleband de kromming of ronding van de taille te verwerken als je wil dat hij mooi om het lichaam sluit. Als je dat niet doet, dan zal hij gaan “gapen”.

Om de glooiing van de taille in deze tailleband te verwerken, moeten we vertrekken van het basispatroon van de rechte rok. Hoe je dat basispatroon tekent is uitgebreid uiteengezet in deze post, maar voor de duidelijkheid herneem ik hier de stukken die we nodig hebben voor het tekenen van de tailleband.

De lengte van de tailleband is gelijk aan de omtrek van de taille plus eventueel wat overwijdte voor bewegingsgemak. Persoonlijk vind ik het niet nodig om in een rechte tailleband overwijdte te voorzien. Tijdens het normaal bewegen is er niet veel actie ter hoogte van de taille. Voor dit patroon zal ik dus geen rekening houden met overwijdte; ik gebruik de lichaamsmaten zoals ik ze van de lintmeter aflees ;).

Waar we wel moeten aan denken zijn naadwaarden. Aangezien deze rechte tailleband niet elastisch is, zullen we hem op de één of andere manier moeten sluiten en een rits is hier de meest voor de hand liggende optie. We zullen dus naadwaarde moeten voorzien om de rits op vast te stikken.

Wat in deze fase ook al duidelijk is, is dat we – door de kromming die we erin zullen verwerken – de tailleband niet zullen kunnen dubbelplooien. We zullen dus de patroondelen moeten voorzien voor de buitenste tailleband en aparte voor de binnenste tailleband.

 

De gegevens die we nodig hebben om deze tailleband te kunnen tekenen zijn de volgende :

Tailleomtrek : 69cm

Heupomtrek : 89 cm

Heupdiepte (de afstand tussen de taille en de heup) : 21 cm

De breedte van de tailleband die ik wil : 6 cm

 

De opbouw van de tailleband.

Begin met een vel tekenpapier dat ongeveer 30 cm hoog is. Dat zou voldoende moeten zijn, gezien de heupdiepte in mijn geval slechts 21 cm. Dieper dan de heup gaan we de rechte basisrok niet tekenen; we hebben alleen dat stukje nodig waar we de tailleband uit kunnen halen.

Teken bovenaan het papier een lijnstuk van 44,50 cm (de helft van de heupomtrek 89cm /2) en verdeel het precies in het midden zodat je twee gelijke delen bekomt. Je kan ook de berekening uit deze post volgen en het voorpand breder maken dan het achterpand. Voor het maken van een tailleband van slechts 6 cm vind ik het voldoende om te werken met een voorpand en achterpand van gelijke breedte.

Trek met je meetlat bovenaan je tekenpapier een horizontale rechte en markeer de volgende lijnstukken :

AB          = de helft van je heupomtrek

= 89 cm/2 = 44,50 cm

CB          = het halve voorpand

= (1/2 van AB) = 22,25 cm

AC         = het halve achterpand

= (1/2 van AB) = 22,25 cm

CH          = de heupdiepte

= 21 cm

Trek vanuit C een loodlijn naar H van 21 cm

Doe hetzelfde vanuit de punten A en B en markeer de punten H1 en H2.

AH1        = middenachter = 21 cm

BH2         = middenvoor = 21 cm

Verbind nu de punten H1-H-H2 zodat je een rechthoekig kader krijgt om je tailleband in vorm te geven.

 

Patroontekenen : Een cirkelrok met brede tailleband
Het basiskader voor de rechte rok – van taille tot heup.

 

Het voorlopig resultaat is een rechthoek waarvan de breedte gelijk is aan de halve heupwijdte of halve heupomtrek (H1H2). Om het patroon van deze rechte rok nu ook passend te maken in de taille, zullen op de taillelijn (AB) een aantal centimeters moeten weggewerkt worden.

Hoeveel centimeter is dat precies ?

Het verschil tussen de halve heupomtrek en de halve tailleomtrek (omdat we met de maten van een halve rok werken) : (89 cm/2) – (69 cm/2) = 44,50 cm – 34,50 cm = 10 cm.

Over een halve rok moet dus op de taillelijn de 10 cm verschil tussen de halve tailleomtrek en de halve heupomtrek worden weggewerkt. Voor een kwart rok betekent dat 10 cm/2 = 5 cm over zowel het halve achterpand als 5 cm over het halve voorpand.

Deze centimeters worden weggehaald op de taillelijn (AB) op de volgende manier :

  • door centimeters in te nemen in de zijnaden (zijnaaduitname);
  • en door coupenaden aan te brengen in het midden van het voor- en achterpand.

 

Het voorpand

Op het lijnstuk CB (het halve voorpand) wordt de taille 5 centimeter ingekort.

Meet vanuit het punt C 3 cm naar rechts en markeer daar het punt I. Hierdoor wordt de taillelijn ineens met 3 cm ingekort.

Om de coupelengte van de coupenaad op het halve voorpand te bepalen, markeer je best eerst de hoogte van de lage taille : de lage taille ligt tussen de 7 à 8 centimeter onder de natuurlijke hoge taille. Dus je markeert vanuit het punt C 7 cm naar beneden op het lijnstuk CH het punt G. Doe hetzelfde vanuit de punten A en B en markeer daar respectievelijk de punten G1 en G2. Verbind de punten G1 – G – G2 met een rechte.

Meet vanuit punt B 7,5 cm naar links (dat is de helft van de buste-afstand) en markeer daar het midden van de coupenaad op het halve voorpand.

Aangezien we op de taillelijn nog slechts 2 centimeter moeten wegwerken (5 cm totaal weg te werken verschil min de 3 centimeter die je uit de zijnaad al hebt gewonnen), markeer je links en rechts van dit punt 1 cm (2 x 1 cm = 2 cm). Verbind deze twee punten met het snijpunt van het midden van de coupenaad met het lijnstuk G-G2 : je hebt net je eerste coupenaad getekend.

De eerste coupenaad in het halve voorpand van de rok.
De eerste coupenaad in het halve voorpand van de rok.

 

Plaats op het lijnstuk BE (middenvoor) het punt J 1,5 cm onder het punt B. Verbind met een tekenliniaal de punten I en J met een licht gebogen lijn.

 

De taillelijn op het halve voorpand van de rok.

 

Het achterpand

Op het lijnstuk AC (het halve achterpand) wordt de taille ook met 5 centimeter ingekort. Meet vanuit het punt C 3 cm naar links en markeer het punt K. Hier wordt de eerste 3 centimeter van het halve achterpand weggewerkt. Over de rest van het halve achterpand moet dan nog 2 centimeter worden weggewerkt.

Meet vanuit het punt A 7,5 cm naar rechts. Dit is het midden van de eerste coupenaad op het halve achterpand. Markeer links en rechts van dit punt 0,5 cm zodat de totale coupediepte 1 cm is.

Vanaf het midden van deze eerste coupenaad (op 7,5 cm van middenachter) rest ons nog 10,75 centimeter tot de bijgewerkte zijnaad van het halve achterpand. Als we deze afstand delen door 2 bekomen we 5,37 cm. We plaatsen het midden van de tweede coupenaad op 5 centimeter van het midden van de eerste coupenaad.

Meet dus vanuit het midden van de eerste coupenaad 5 cm (of 12,5 cm vanaf middenachter) naar rechts en markeer daar het midden van de tweede coupenaad. Meet ook hier aan beide zijden 0,5 cm zodat de totale coupediepte van de tweede coupenaad ook hier gelijk is aan 1 cm.

Meet vanuit het midden van elke coupenaad 12 cm loodrecht naar beneden. Teken de benen van elke coupenaad zodat twee gelijke coupenaden ontstaan met een coupediepte van 1 cm en een coupelengte van 12 cm.

Meet vanuit punt A 1,5 cm naar beneden op het lijnstuk AH1 en markeer het punt L.

Verbind met een tekenliniaal de punten K en L met een licht gebogen lijn.

Verbind nu ook met een tekenliniaal de punten K en H én de punten I en H met een licht gebogen lijn.

 

Patroontekenen : Een cirkelrok met brede tailleband
Het afgewerkte halve voorpand en het afgewerkte halve achterpand – van taille tot heup.

 

Markeer nu op het halve achterpand vanuit de punt L en K bij elk 6 cm naar beneden (de breedte van onze tailleband). Verbind deze twee nieuwe punten met een tekenliniaal die de kromming van taillelijn volgt. Op het halve voorpand doen we precies hetzelfde vanuit de punten I en J. We hebben nu een voorlopige tailleband voor het achterpand en een voorlopige tailleband voor het voorpand waar we zo meteen mee verder kunnen.

 

Patroontekenen : Een cirkelrok met brede tailleband
De voorlopige taillebanden op het halve voor- en achterpand van de rechte rok.

 

Om nu de definitieve tailleband te bekomen, knippen we de taillebanden van het voor- en het achterpand uit. We hebben voor het voor- en achterpand een tailleband waar de uitsparingen van de coupenaden nog inzitten.

De tailleband van het voorpand knippen we door op beide benen (de blauwe lijnen in de afbeelding hierboven) van de enige coupenaad die erin zit en we plakken de twee delen van deze tailleband gewoon aan mekaar met plakband.

Voor het achterpand doen we nu precies hetzelfde : de twee coupenaden worden eruit geknipt (op de blauwe lijntjes)en de resterende delen van de tailleband plakken we met plakband terug aan mekaar.

De aaneengeplakte taillebanden kleef je nu best op een nieuw stuk papier, zodat we de kromming van de band wat kunnen bijwerken met een tekenliniaal en de naadwaarden kunnen aantekenen.

Om te weten welke banden op een stofvouw zullen moeten geknipt worden, moeten we eventjes vooruit denken : we zijn bezig aan de constructie van de tailleband voor een cirkelrok. Onze cirkelrok zal – afhankelijk van de stofbreedte van de stof waar we de panden moeten uitknippen – veelal twee zijnaden hebben. In één van de zijnaden zullen we onze sluiting – een rits – moeten aanbrengen.

Voor de markeringen op de taillebanden betekent dit dat we beide taillebanden op een stofvouw zullen kunnen knippen en dat we in de zijnaad voldoende naadwaarde moeten voorzien om een rits netjes in te zetten.

Dit allemaal in acht genomen brengen we volgende aan op onze nieuwe taillebanden :

Op de middenvoor- en middenachterlijn brengen we markeringen aan voor het knippen op een stofvouw.

We voorzien 2 cm naadwaarde in de zijnaad en we voorzien 1 cm naadwaarde langs de taillelijn en langs de onderrand van de taillebanden.

 

Patroontekenen : Een cirkelrok met brede tailleband
De definitieve taillebanden na het wegknippen van de coupenaden.

 

Elke tailleband zullen we ook 2 x moeten knippen : één keer voor de buitenkant van de tailleband en één keer voor de binnenkant van de tailleband. Door de kromming in de taillebanden kunnen we deze niet dubbelvouwen; vandaar … .

 

Het patroon voor de cirkelrok.

Het basispatroon van een cirkelrok tekenen gaat eigenlijk heel snel en we hebben maar 2 bijkomende gegevens nodig :

  1. De omtrek van de onderrand van onze tailleband en
  2. De gewenste roklengte.

Het meten van de onderrand van beide onderdelen van de tailleband moet je doen met een flexibele lintmeter. Na het meten zal je vaststellen dat de onderrand van de tailleband van het voorpand langer is dan die van het achterpand. Dit is normaal; er is niets foutgegaan. Dit heeft alles te maken met het begin van de glooiing van de buik van de ladies 😉

 

De meting van de halve tailleband van het achterpand levert mij : 19,40 cm op. De volledige onderrand op de rug is dus 2 x 19,40 cm = 38,80 cm

De meting van de halve tailleband van het voorpand levert mij : 21,10 cm op. Voor de volledige onderrand van het voorpand betekent dit : 2 x 21,10 cm = 40,20.

Als we nu de hele omtrek van de onderrand van de tailleband willen bekomen, tellen we deze twee cijfers gewoon op : 38,80 cm + 40,20 cm = 79,00 cm.

De omtrek van de onderrand van de tailleband is gelijk aan de omtrek van de bovenrand van de rok : 79 cm in mijn geval.

 

Nu komt een interessant weetje : aangezien een cirkelrok voor het grootste deel in biais zal geknipt worden, dus schuin van draad, zal de bovenrand (die we aan de tailleband moeten vastzetten) licht elastisch zijn. Dit zal het geval zijn bij gebreide stoffen en ook bij geweven stoffen. Als je wil dat de rok naadloos aansluit op de tailleband, dan kan je deze elasticiteit in rekening brengen en een paar centimeters van de bovenomtrek van de rok aftrekken. NIET van de tailleband, deze behoudt haar originele afmetingen.

Als je graag rekening houdt met de elasticiteit van de bovenrand van de rok, dan kan je tot 5 cm van de omtrek afnemen. In dit geval kies ik ervoor om 4 centimeter in mindering te brengen van de bovenomtrek van de rok : 79 cm – 4 cm = 75 cm.

 

Om een volledige cirkelrok te tekenen moeten we eigenlijk maar één kwart van de rok effectief tekenen. Deze kwartrok zal op de stofvouw worden geknipt om een volledig voorpand te bekomen en voor een volledig achterpand knip je nogmaals de kwartrok op een stofvouw. De twee halve cirkels maken op hun beurt een volledig cirkel.

Een kwartrok dus, die we gewoon tevoorschijn zullen toveren uit een eenvoudige rechthoek. Dat betekent : 75 cm van de hele omtrek delen door 4 = 18,75 cm. Dat geeft ons de bovenomtrek van de kwartrok. Omdat deze rechthoek zo dadelijk toch in stroken wordt geknipt en uitgespreid, maak ik van de 18,75 cm gewoon 18 cm om makkelijker te kunnen rekenen.

 

Je tekent nu simpelweg een rechthoek die 18 cm breed is en zo lang is als de gewenste roklengte. In mijn geval is dat 45 cm.

Deze rechthoek verdelen we in lange repen die we zo dadelijk gaan uitspreiden. Hoe meer repen je hebt, hoe gemakkelijker je de ronding aan de onderrand van de rok zal kunnen volgen. Om een vlotte spreiding van de stroken te kunnen maken, zorg je ervoor dat je deze rechthoek verdeeld in minstens 6 stroken. Ik heb mijn rechthoek verdeeld in 9 repen van 2 centimeter :

Patroontekenen : Een cirkelrok met brede tailleband
De breedte van de rechthoek = kwart van de bijgewerkte tailleomtrek . De lengte van de rechthoek = roklengte.

 

Op een groot vel patroonpapier teken je twee lange rechten in een hoek van 90°. In deze hoek van 90° moeten we nu met een passer (deze geeft de beste ronding ;)) de bovenrand van de rok tekenen, die 18,75 cm lang moet zijn voor de kwartrok. Ik geloof dat hier een wiskundige formule voor bestaat – waarin pi betrokken is denk ik – om in functie van een kwart van de omtrek van een cirkel de straal te kunnen berekenen. Ik ben het niet gaan opzoeken, maar heb met een beetje proberen (trial and error zoals ze in vaktermen zeggen) de juiste passeropening gevonden om een kwartcirkel met omtrek 18,75 cm in de hoek van 90° graden te krijgen.

 

Patroontekenen : Een cirkelrok met brede tailleband
Het basiskader voor een KWART cirkelrok.

 

De negen repen die we bekomen hebben door de rechthoek te verdelen, spreiden we nu eenvoudigweg langs de bovenrand van de kwartcirkel en we zorgen ervoor dat de negen repen op gelijke afstand van mekaar liggen. Deze stroken plak je best even vast met tape. Daarna verbinden we de onderranden van deze repen tot een grote kwartcirkel. Beide zijkanten van deze kwartrok meten 45 cm.

Patroontekenen : Een cirkelrok met brede tailleband
Het basiskader voor een KWART cirkelrok met getekende onderrand in functie van de roklengte.

 

Eens de onderrand van onze cirkelrok is getekend, dan werkt het vlotter als we eerst de stroken verwijderen zodat we op een plat oppervlak verder kunnen.

Patroontekenen : Een cirkelrok met brede tailleband
Het patroon voor een kwart cirkelrok.

Deze kwartrok moet op een stofvouw worden getekend om een halve cirkelrok te worden, dus we markeren best op één van de benen van de rok het symbool voor een stofvouw.

Er rest ons nu alleen nog de naadwaarden te tekenen :

In de taille is een naadwaarde van 1 cm voldoende.

Omdat we straks in één van de zijnaden een rits moeten aanbrengen (of een andere sluiting als je dat verkiest), is het beter om op de zijnaad 2 centimeter naadwaarde te voorzien.

Ik ben van plan om deze cirkelrok te maken uit een stof die niet rafelt en die dus geen afwerking behoeft, dus ik voorzien geen zoom. Maar als je graag je rok afwerkt met een zoom, dan teken je nu op het patroon best een centimeter of 2 à 3 zoomwaarde.

 

Wat ook verstandig is om nu al in rekening te brengen is het eindpunt van de rits. Ik zal in deze rok een gewone niet-deelbare rits van 20 cm inzetten. De bovenkant van de rits komt 0,5 cm onder de bovenrand van de tailleband, dus dan wordt nog 5,5 cm van de tailleband ingenomen door de rits. 20 cm – 5,5 cm van de taille : op 14,5 cm van de bovenkant van de rok stopt de rits. Het is gemakkelijk om nu deze 14,5 cm al te markeren op de zijnaad van de rok.

Patroontekenen : Een cirkelrok met brede tailleband
Het afgewerkte patroon voor een kwart cirkelrok.

 

Deze kwartrok gebruik je voor het knippen van het voorpand én het achterpand. Als je werkt met stoffen waar een motief inzit (strepen, ruiten of ander leuks), zorg er dan voor dat dit motief in de zijnaad kan doorlopen. Wees dus aandachtig als je de rokdelen op de stof legt en daarna knipt ;).

De tailleband van deze rok ga ik maken uit zwart imitatieleer en de cirkelrok ga ik maken uit paillettenstof met imitatielederen sequins. Vooraleer ik aan de definitieve versie begin, ga ik eerst een “kladje” maken uit oud katoen ;).

Advertenties